In de rubriek De retrogames van spreken we met creatieve meesters over games uit hun jeugd. Welke oude gametitels hebben een speciaal plekje in hun hart en wat zijn hun verhalen bij de titels? Deze keer vertelt synthwavemeester Timecop1983 over alle goede én slechte games die hem zijn bijgebleven.

Wanneer je je ogen sluit en niet naar de releasedatum van zijn muziek kijkt, zou je zweren dat de nummers van Timecop1983 (echte naam Jordy Lennearts) uit de 80’s komen. De tracks zitten vol met retro-basslijnen, melodische synthesizerlijntjes en nostalgische lyrics. Na het zien van de film Drive uit 2011 besloot Jordy zich te storten op het synthwave-genre. Een schot in de roos, want de Nederlandse producer toert al meerdere jaren de hele wereld over. De komende maanden reist hij naar Engeland, Oekraïne, Duitsland en de Verenigde Staten. Tussen zijn optredens door had hij nog tijd om te spreken over zijn retrogames.

Guldens in de arcade

New-Retro muzikant dat hij is, voel ik me verplicht om te vragen of hij vroeger ook in de Arcade te vinden was. Waar moet die typische Outrun-vibe anders vandaan komen? Tot mijn niet zo grote verbazing antwoordt Jordi dan ook bevestigend op mijn vraag. “Ik ging er vooral veel heen toen ik met mijn ouders in Zeeland op vakantie was. Bij de camping stond een arcade en ik was daar elke dag te vinden. Wat ik me herinner was dat het ongelooflijk druk was. Een ongeschreven regel was dat je je gulden op de arcade legde wanneer iemand anders aan het spelen was. Dit betekende dat jij hierna aan de beurt was. Wonder boven wonder werden die guldens nooit gestolen. Zelfs niet wanneer je naar de wc ging. ”

De arcade was alleen niet de eerste plek waar hij zijn game-ervaring opdeed. “Mijn eerste games speelde ik op een NES bij een vriend van mij.  We speelden veel Super Mario Bros 2 en Duck Hunt. Ook had hij Blades of Steel, een IJshockeygame uit 1987. Die was echt geweldig! Het was de eerste game waarin ik een ‘echte’ stem hoorde. Als je het nu terug luistert stelt het niks voor, maar in die tijd was het fantastisch. Ook kon je in de game vechten, en als mijn vriend en ik het niet op het scherm deden, dan deden we het wel in het echt als één van ons weer eens verloor.”

Blades of Steel

‘Slap Mortal Kombat aftreksel’

De eerste console die hij zelf in huis haalde was de SNES. “Ik had er maar drie games voor: Super Mario 3, Clayfighter en Urban Strike. Wat ik me vooral herinner, is hoe verschrikkelijk Clayfighter was! Het was echt een slap aftreksel van Mortal Kombat wat werkelijk nergens op sloeg.” Tijdens het interview komt de titel mij niet bekend voor. Wat zoekwerk op internet leert mij dat het een Fightergame uit 1993 is en het is ontwikkeld door Visual Concepts. Wanneer ik een video bekijk, snap ik Jordy’s ergernis. Dit wil niemand spelen. In plaats van de brute karakters uit Mortal Kombat speel je met een stel achterlijke kleipoppetjes die allemaal in het bezit zijn van een tergende stem. De moves ogen ontzettend lame en het spel ziet er kinderlijk eenvoudig uit.

Tot overmaat van ramp blijft het qua slechte games voor de SNES hier niet bij. De volgende slechte game die Jordi oprakelt speelde hij weliswaar niet in zijn jeugd, maar dat maakt het niet minder erg. “Ken je de game Timecop voor de SNES? Ik durf het bijna niet te zeggen, maar wat is die game slecht. Een paar jaar geleden zag ik de game in een lijst staan en besloot hem toch maar eens te spelen. Na een paar minuten was ik er al klaar mee. Het bestuurt voor geen meter en ik had totaal geen idee wat ik moest doen.”

Een slechte game én film, maar toch grofweg dezelfde artiestennaam hebben. Hoe zit dat? “Bij het kiezen van de naam wist ik niet dat er ook een gelijknamige actiefilm was waarin Jean-Claude van Damme speelde. Uit angst dat de film alleen maar kan tegenvallen, heb ik de film nog nooit gezien. Na het spelen van de game is die angst alleen maar groter geworden.”

Geen hakenkruizen maar hartjes

De volgende game die Jordi aanhaalt, is gelukkig van een totaal ander kaliber. “Wat echt een geweldig spel was, was Stunts voor MS-DOS!,” vertelt hij mij waarbij het enthousiasme in zijn stem duidelijk merkbaar is. “In die game kon je je eigen banen maken en daar vervolgens op racen. Dat was echt fantastisch. In die game zat ook een Acura-NSX en dat was echt mijn droomauto.” Wanneer ik hem vraag of hij nog steeds een Acura wil, begint hij te lachen. “Ik wil nog steeds een sportwagen, maar geen Acura!”

Een andere DOS-game die hij veel speelde, was Wolfenstein-3D. “Ik was tien jaar oud toen ik deze game speelde en ik vond dat lompe geweld fantastisch. Ook maakte het als eerst 3D-shooter veel indruk op mij.” Ik vertel Jordi dat de hakenkruizen vooral veel indruk op mij maakten. Niet tenminste omdat mijn moeder dat absoluut niet oké vond. Blijkbaar was Jordi als kind al een paar stappen verder dan ik, want hij vertelt over zijn ingenieuze manier om dit probleem te omzeilen. “Ik kwam erachter dat je in de gamefiles de bestanden van de hakenkruizen vond. Die kon je vervolgens gewoon met Microsoft Paint bewerken. Ik tekende er vervolgens hele andere dingen overheen zoals dieren en hartjes, die vervolgens in het spel verschenen.”

Nostalgie

Traditiegetrouw sluit ik af met de vraag of hij tegenwoordig nog weleens gamet. ” Ik heb tegenwoordig niet zo heel veel tijd meer, maar toevallig heb ik een paar jaar geleden nog een NES gekocht met een hele reeks oude games. Veel titels zijn nog steeds leuk om te spelen, zoals Double Dragon II en Skyhawk. Ook ben ik onlangs begonnen met GTA V. Vrij laat, maar wat is dat een goede game.”

Ik merk op dat in GTA V ook weer veel retro-invloeden zitten. Waar komt die hang naar retro toch vandaan? “Ik denk voor een groot gedeelte de nostalgie,” antwoordt hij na een korte denkpauze. “Mensen hebben goede herinneringen aan die tijd en willen weer terug. Ik merk wel dat het laatste jaren steeds populairder wordt. Kijk bijvoorbeeld maar naar de opkomst van de Mini-NES en -SNES.”

Write A Comment

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.